Door de ogen van Bassim: op de vlucht in Jemen

zaterdag 10 december 2016

Bron: www.oxfamnovib.nl/

Het leven van Bassim ligt in puin. 'Ik wilde mijn gezin in veiligheid brengen. We moesten verhuizen van Sanaa naar het platteland waar ik opgroeide. Er was amper benzine en de weg was levensgevaarlijk. Mijn kinderen huilden en mijn vrouw was bang.'

Bassim ziet het land waar hij van houdt instorten. 'Het is onmogelijk om me geen zorgen te maken over mijn land dat zwaar lijdt onder de oorlog. Ik woon en werk hier terwijl we door een verschrikkelijke periode gaan. Volgens de laatste cijfers zijn er al 640 mensen gedood, waaronder 300 burgers. Meer dan 2.200 mensen zijn gewond.'

'De economie is kapot'

'De oorlog treft niet alleen mij en mijn gezin, maar ook mijn familie, vrienden en alle andere Jemenieten', zegt Bassim bezorgd. 'Voor de oorlog waren al drie van de vijf mensen afhankelijk van hulp: 16 miljoen mensen! Nu heeft bijna iedereen hulp nodig. De economie is kapot. Eten is heel duur geworden, terwijl steeds minder mensen nog geld verdienen.'

Leven als vluchteling in Jemen

Bassim probeert met zijn gezin te overleven. Gevlucht uit zijn thuisstad Sanaa loopt hij tegen allerlei problemen aan:
Ik probeer meel en ander eten te vinden voor mijn familie. En brandstof. Meestal tevergeefs.
Schoon water is een groot probleem. Doordat er geen brandstof is, werken de watersystemen niet meer. Eerder hadden 13 miljoen mensen geen water. Hoeveel zouden het er nu wel niet zijn?
Mijn kinderen kunnen niet meer naar school. En het leven van mijn vrouw is veel zwaarder geworden. Simpele dingen, zoals koken, worden onmogelijk.
Ik werk nu vanuit ons tijdelijke onderkomen op het platteland. Ondertussen maak ik me zorgen om ons huis in Sanaa. Zullen onze spullen er nog zijn?

Terug naar huis

'Ik sta aan het hoofd van mijn familie. Iedereen bij elkaar zijn met zijn twintigen. Dat voelt als een enorme verantwoordelijkheid. Ik doe mijn best zo goed mogelijk voor iedereen te zorgen. Maar ik hoop vooral dat we snel terug kunnen naar ons huis in Sanaa. Zodat we weer verder kunnen met ons leven.'